Niveau A2 · Regelmatig
Vervoeging van Vissen
vissen = to fish
- Hele werkwoord
- vissen
- Verleden tijd
- viste · visten
- Voltooide tijd
- heeft gevist
Kort antwoord
Vissen is in het Engels to fish. Verleden tijd: viste (enkelvoud) en visten (meervoud). Voltooid deelwoord: gevist, met hebben: ik heb gevist.
Oefen vissenTegenwoordige tijd
| ik | vis |
| jij | vist |
| hij/zij/het | vist |
| wij | vissen |
| jullie | vissen |
| zij | vissen |
Verleden tijd
| ik | viste |
| jij | viste |
| hij/zij/het | viste |
| wij | visten |
| jullie | visten |
| zij | visten |
Voltooide tijd
| ik | heb gevist |
| jij | hebt gevist |
| hij/zij/het | heeft gevist |
| wij | hebben gevist |
| jullie | hebben gevist |
| zij | hebben gevist |
Voltooid verleden tijd
| ik | had gevist |
| jij | had gevist |
| hij/zij/het | had gevist |
| wij | hadden gevist |
| jullie | hadden gevist |
| zij | hadden gevist |
Toekomende tijd
| ik | zal vissen |
| jij | zult vissen |
| hij/zij/het | zal vissen |
| wij | zullen vissen |
| jullie | zullen vissen |
| zij | zullen vissen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou vissen |
| jij | zou vissen |
| hij/zij/het | zou vissen |
| wij | zouden vissen |
| jullie | zouden vissen |
| zij | zouden vissen |
Oefen vissen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
vissen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is vis. In vissen staat s voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (viste, visten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (gevist).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij vist, maar vis jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van vissen?
viste (ik, jij, hij/zij/het) en visten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van vissen?
gevist, met hebben: ik heb gevist.
Gebruik je vissen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb gevist, hij heeft gevist.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.