Level A2 · Regular, separable
Aankloppen conjugation
aankloppen = to knock on door
- Infinitive
- aankloppen
- Past
- klopte aan · klopten aan
- Perfect
- heeft aangeklopt
Quick answer
Aankloppen means to knock on door. Past tense: klopte aan (singular) and klopten aan (plural). Past participle: aangeklopt, with hebben: ik heb aangeklopt.
Practise aankloppenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | klop aan |
| jij | klopt aan |
| hij/zij/het | klopt aan |
| wij | kloppen aan |
| jullie | kloppen aan |
| zij | kloppen aan |
Past (verleden tijd)
| ik | klopte aan |
| jij | klopte aan |
| hij/zij/het | klopte aan |
| wij | klopten aan |
| jullie | klopten aan |
| zij | klopten aan |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb aangeklopt |
| jij | hebt aangeklopt |
| hij/zij/het | heeft aangeklopt |
| wij | hebben aangeklopt |
| jullie | hebben aangeklopt |
| zij | hebben aangeklopt |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had aangeklopt |
| jij | had aangeklopt |
| hij/zij/het | had aangeklopt |
| wij | hadden aangeklopt |
| jullie | hadden aangeklopt |
| zij | hadden aangeklopt |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal aankloppen |
| jij | zult aankloppen |
| hij/zij/het | zal aankloppen |
| wij | zullen aankloppen |
| jullie | zullen aankloppen |
| zij | zullen aankloppen |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou aankloppen |
| jij | zou aankloppen |
| hij/zij/het | zou aankloppen |
| wij | zouden aankloppen |
| jullie | zouden aankloppen |
| zij | zouden aankloppen |
Practise aankloppen
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
1 of 60 ✓
Present
How this verb works
- Regular verb. The stem is klop. The infinitive kloppen has p before -en, one of the sounds in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -te (klopte, klopten) and the participle ends in -t (aangeklopt).
- Separable verb. In a main clause the prefix aan goes to the end: ik klop aan. In a subordinate clause it stays attached: ... dat ik aanklop, ... dat ik aanklopte.
- In the participle, ge goes between the two parts: aangeklopt.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of aankloppen?
klopte aan (ik, jij, hij/zij/het) and klopten aan (wij, jullie, zij).
What is the past participle of aankloppen?
aangeklopt, with hebben: ik heb aangeklopt.
Is aankloppen used with hebben or zijn?
With hebben: ik heb aangeklopt, hij heeft aangeklopt.
More verbs
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.