Level B2 · Irregular, separable
Aanslaan conjugation
aanslaan = to take effect
- Infinitive
- aanslaan
- Past
- sloeg aan · sloegen aan
- Perfect
- heeft / is aangeslagen
Quick answer
Aanslaan means to take effect. Past tense: sloeg aan (singular) and sloegen aan (plural). Past participle: aangeslagen, with hebben / zijn: ik heb / ben aangeslagen.
Practise aanslaanPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | sla aan |
| jij | slaat aan |
| hij/zij/het | slaat aan |
| wij | slaan aan |
| jullie | slaan aan |
| zij | slaan aan |
Past (verleden tijd)
| ik | sloeg aan |
| jij | sloeg aan |
| hij/zij/het | sloeg aan |
| wij | sloegen aan |
| jullie | sloegen aan |
| zij | sloegen aan |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb / ben aangeslagen |
| jij | hebt / bent aangeslagen |
| hij/zij/het | heeft / is aangeslagen |
| wij | hebben / zijn aangeslagen |
| jullie | hebben / zijn aangeslagen |
| zij | hebben / zijn aangeslagen |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had / was aangeslagen |
| jij | had / was aangeslagen |
| hij/zij/het | had / was aangeslagen |
| wij | hadden / waren aangeslagen |
| jullie | hadden / waren aangeslagen |
| zij | hadden / waren aangeslagen |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal aanslaan |
| jij | zult aanslaan |
| hij/zij/het | zal aanslaan |
| wij | zullen aanslaan |
| jullie | zullen aanslaan |
| zij | zullen aanslaan |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou aanslaan |
| jij | zou aanslaan |
| hij/zij/het | zou aanslaan |
| wij | zouden aanslaan |
| jullie | zouden aanslaan |
| zij | zouden aanslaan |
Aanslaan is a separable verb
In a main clause aan goes to the end (ik sla aan). In a subordinate clause the two parts stay together (dat ik aansla). Participle: aangeslagen.
| Main clause | ik sla aan |
| Question | sla jij aan? |
| Subordinate clause | … dat ik aansla |
| With a modal verb | ik wil aanslaan |
| Perfect tense | ik heb / ben aangeslagen |
| With om ... te | om aan te slaan |
| Imperative | sla aan! |
Practise aanslaan
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
Present
How this verb works
- Irregular verb: the past tense and participle do not follow the regular -te/-de pattern, so learn the three forms together: aanslaan, sloeg aan, aangeslagen.
- Separable verb. In a main clause the prefix aan goes to the end: ik sla aan. In a subordinate clause it stays attached: ... dat ik aansla, ... dat ik aansloeg.
- In the participle, ge goes between the two parts: aangeslagen.
- Hebben or zijn: hebben for the activity itself, zijn when you say where to or what changed. Hij heeft een verkeerde toets aangeslagen. De motor is meteen aangeslagen.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of aanslaan?
sloeg aan (ik, jij, hij/zij/het) and sloegen aan (wij, jullie, zij).
What is the past participle of aanslaan?
aangeslagen, with hebben or zijn depending on the meaning: Hij heeft een verkeerde toets aangeslagen. De motor is meteen aangeslagen.
Is aanslaan used with hebben or zijn?
Both, depending on the meaning: Hij heeft een verkeerde toets aangeslagen. De motor is meteen aangeslagen.
Is aanslaan a separable verb?
Yes. In a main clause aan goes to the end (ik sla aan), in a subordinate clause it stays attached (dat ik aansla). Participle: aangeslagen.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.