Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Level B1 · Regular, separable

Doormaken conjugation

doormaken = to go through

Infinitive
doormaken
Past
maakte door · maakten door
Perfect
heeft doorgemaakt

Quick answer

Doormaken means to go through. Past tense: maakte door (singular) and maakten door (plural). Past participle: doorgemaakt, with hebben: ik heb doorgemaakt.

Practise doormaken

Present (tegenwoordige tijd)

ikmaak door
jijmaakt door
hij/zij/hetmaakt door
wijmaken door
julliemaken door
zijmaken door

Past (verleden tijd)

ikmaakte door
jijmaakte door
hij/zij/hetmaakte door
wijmaakten door
julliemaakten door
zijmaakten door

Perfect (voltooide tijd)

ikheb doorgemaakt
jijhebt doorgemaakt
hij/zij/hetheeft doorgemaakt
wijhebben doorgemaakt
julliehebben doorgemaakt
zijhebben doorgemaakt

Past perfect (voltooid verleden tijd)

ikhad doorgemaakt
jijhad doorgemaakt
hij/zij/hethad doorgemaakt
wijhadden doorgemaakt
julliehadden doorgemaakt
zijhadden doorgemaakt

Future (toekomende tijd)

ikzal doormaken
jijzult doormaken
hij/zij/hetzal doormaken
wijzullen doormaken
julliezullen doormaken
zijzullen doormaken

Conditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou doormaken
jijzou doormaken
hij/zij/hetzou doormaken
wijzouden doormaken
julliezouden doormaken
zijzouden doormaken

Doormaken is a separable verb

In a main clause door goes to the end (ik maak door). In a subordinate clause the two parts stay together (dat ik doormaak). Participle: doorgemaakt.

Main clauseik maak door
Questionmaak jij door?
Subordinate clause… dat ik doormaak
With a modal verbik wil doormaken
Perfect tenseik heb doorgemaakt
With om ... teom door te maken
Imperativemaak door!

Separable verbs: rules and checker

Practise doormaken

Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.

1 of 60 ✓

Present

ik

How this verb works

  • Regular verb. The stem is maak. The infinitive maken has k before -en, one of the sounds in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -te (maakte, maakten) and the participle ends in -t (doorgemaakt).
  • Separable verb. In a main clause the prefix door goes to the end: ik maak door. In a subordinate clause it stays attached: ... dat ik doormaak, ... dat ik doormaakte.
  • In the participle, ge goes between the two parts: doorgemaakt.

Questions about Dutch verbs

What is the past tense of doormaken?

maakte door (ik, jij, hij/zij/het) and maakten door (wij, jullie, zij).

What is the past participle of doormaken?

doorgemaakt, with hebben: ik heb doorgemaakt.

Is doormaken used with hebben or zijn?

With hebben: ik heb doorgemaakt, hij heeft doorgemaakt.

Is doormaken a separable verb?

Yes. In a main clause door goes to the end (ik maak door), in a subordinate clause it stays attached (dat ik doormaak). Participle: doorgemaakt.

More verbs

All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker

Want to stop looking words up?

The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.

Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.