Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Level B2 · Regular

Kletteren conjugation

kletteren = to clatter or rattle

Infinitive
kletteren
Past
kletterde · kletterden
Perfect
heeft / is gekletterd

Quick answer

Kletteren means to clatter or rattle. Past tense: kletterde (singular) and kletterden (plural). Past participle: gekletterd, with hebben / zijn: ik heb / ben gekletterd.

Practise kletteren

Present (tegenwoordige tijd)

ikkletter
jijklettert
hij/zij/hetklettert
wijkletteren
julliekletteren
zijkletteren

Past (verleden tijd)

ikkletterde
jijkletterde
hij/zij/hetkletterde
wijkletterden
julliekletterden
zijkletterden

Perfect (voltooide tijd)

ikheb / ben gekletterd
jijhebt / bent gekletterd
hij/zij/hetheeft / is gekletterd
wijhebben / zijn gekletterd
julliehebben / zijn gekletterd
zijhebben / zijn gekletterd

Past perfect (voltooid verleden tijd)

ikhad / was gekletterd
jijhad / was gekletterd
hij/zij/hethad / was gekletterd
wijhadden / waren gekletterd
julliehadden / waren gekletterd
zijhadden / waren gekletterd

Future (toekomende tijd)

ikzal kletteren
jijzult kletteren
hij/zij/hetzal kletteren
wijzullen kletteren
julliezullen kletteren
zijzullen kletteren

Conditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou kletteren
jijzou kletteren
hij/zij/hetzou kletteren
wijzouden kletteren
julliezouden kletteren
zijzouden kletteren

Practise kletteren

Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.

1 of 60 ✓

Present

ik

How this verb works

  • Regular verb. The stem is kletter. The infinitive kletteren has r before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (kletterde, kletterden) and the participle ends in -d (gekletterd).
  • When jij comes after the verb, the -t drops: jij klettert, but kletter jij?
  • Hebben or zijn: hebben for the activity itself, zijn when you say where to or what changed. De regen heeft de hele nacht tegen het raam gekletterd. De pannen zijn van de plank op de grond gekletterd.

Questions about Dutch verbs

What is the past tense of kletteren?

kletterde (ik, jij, hij/zij/het) and kletterden (wij, jullie, zij).

What is the past participle of kletteren?

gekletterd, with hebben or zijn depending on the meaning: De regen heeft de hele nacht tegen het raam gekletterd. De pannen zijn van de plank op de grond gekletterd.

Is kletteren used with hebben or zijn?

Both, depending on the meaning: De regen heeft de hele nacht tegen het raam gekletterd. De pannen zijn van de plank op de grond gekletterd.

More verbs

All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker

Want to stop looking words up?

The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.

Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.