Level B2 · Irregular
Rijzen conjugation
rijzen = to rise
- Infinitive
- rijzen
- Past
- rees · rezen
- Perfect
- is gerezen
Quick answer
Rijzen means to rise. Past tense: rees (singular) and rezen (plural). Past participle: gerezen, with zijn: ik ben gerezen.
Practise rijzenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | rijs |
| jij | rijst |
| hij/zij/het | rijst |
| wij | rijzen |
| jullie | rijzen |
| zij | rijzen |
Past (verleden tijd)
| ik | rees |
| jij | rees |
| hij/zij/het | rees |
| wij | rezen |
| jullie | rezen |
| zij | rezen |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | ben gerezen |
| jij | bent gerezen |
| hij/zij/het | is gerezen |
| wij | zijn gerezen |
| jullie | zijn gerezen |
| zij | zijn gerezen |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | was gerezen |
| jij | was gerezen |
| hij/zij/het | was gerezen |
| wij | waren gerezen |
| jullie | waren gerezen |
| zij | waren gerezen |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal rijzen |
| jij | zult rijzen |
| hij/zij/het | zal rijzen |
| wij | zullen rijzen |
| jullie | zullen rijzen |
| zij | zullen rijzen |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou rijzen |
| jij | zou rijzen |
| hij/zij/het | zou rijzen |
| wij | zouden rijzen |
| jullie | zouden rijzen |
| zij | zouden rijzen |
Practise rijzen
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
1 of 60 ✓
Present
How this verb works
- Irregular verb: the past tense and participle do not follow the regular -te/-de pattern, so learn the three forms together: rijzen, rees, gerezen.
- When jij comes after the verb, the -t drops: jij rijst, but rijs jij?
- Perfect tense with zijn: ik ben gerezen, not ik heb gerezen.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of rijzen?
rees (ik, jij, hij/zij/het) and rezen (wij, jullie, zij).
What is the past participle of rijzen?
gerezen, with zijn: ik ben gerezen.
Is rijzen used with hebben or zijn?
With zijn: ik ben gerezen, hij is gerezen.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.