Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel A2-B1 · 10 verbos

10 reflexive Dutch verbs

10 wederkerende werkwoorden

These verbs need a reflexive pronoun: ik voel me, jij voelt je, hij voelt zich, wij voelen ons, zij voelen zich. Some also take a fixed preposition: zich verheugen op.

Las fichas están en inglés y neerlandés.

Los 10 verbos

  1. 01

    zich voelen

    to feel

    Ik voel me vandaag niet zo goed.

  2. 02

    zich herinneren

    to remember

    Ik herinner me die dag nog goed.

  3. 03

    zich vergissen

    to be mistaken

    Sorry, ik vergis me.

  4. 04

    zich haasten

    to hurry

    We moeten ons haasten, de trein vertrekt zo.

  5. 05

    zich aankleden

    to get dressed

    Ik kleed me snel aan.

  6. 06

    zich voorstellen

    to introduce oneself

    Mag ik me even voorstellen?

  7. 07

    zich afvragen

    to wonder

    Ik vraag me af of hij komt.

  8. 08

    zich verheugen op

    to look forward to

    Wij verheugen ons op de zomer.

  9. 09

    zich ergeren aan

    to be annoyed by

    Zij ergert zich aan het lawaai.

  10. 10

    zich concentreren op

    to concentrate on

    Ik kan me niet concentreren op mijn werk.

Recuerda

The perfect tense of a reflexive verb uses hebben, and the pronoun stays right after it: Ik heb me vergist. Wij hebben ons gehaast.

Ejercicios

Completa los huecos aquí o en papel. Las soluciones están debajo de cada ejercicio y en el PDF.

A.Fill in the reflexive pronoun (me, je, zich, ons)

  1. Mijn moeder voelt niet goed.
  2. Herinner jij zijn naam nog?
  3. Hij vergist in de datum.
  4. Haast niet, we hebben tijd.
  5. De kinderen kleden snel aan.
  6. Ik wil graag even voorstellen.
  7. Zij vraagt af waarom de bus te laat is.
  8. Wij hebben vergist in de weg.
  9. Erger jij ook aan dat lawaai?
  10. Hij kan slecht concentreren met muziek aan.
Mostrar soluciones
  1. zich
  2. je
  3. zich
  4. je
  5. zich
  6. me / mij
  7. zich
  8. ons
  9. je
  10. zich

B.Fill in the preposition

  1. Ik verheug me de vakantie.
  2. Hij ergert zich de buren.
  3. Concentreer je de vraag.
  4. Ik herinner me niets die avond.
  5. Zij vergist zich de tijd.
Mostrar soluciones
  1. op
  2. aan
  3. op
  4. van
  5. in

10 verbos nuevos cada semana

Una ficha temática en tu correo cada semana, gratis. Pensada para niveles A2 y B1.

Correo semanal con 10 verbos neerlandeses y una ficha gratis. Date de baja con un clic.

Más fichas

Practica también en línea

Practica todos los tiempos con corrección inmediata en el entrenador de verbos, o busca cualquier verbo en el conjugador gratis.

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.