Niveau A2 · Regelmatig
Vervoeging van Trappen
trappen = to step, to pedal
- Hele werkwoord
- trappen
- Verleden tijd
- trapte · trapten
- Voltooide tijd
- heeft / is getrapt
Kort antwoord
Trappen is in het Engels to step, to pedal. Verleden tijd: trapte (enkelvoud) en trapten (meervoud). Voltooid deelwoord: getrapt, met hebben / zijn: ik heb / ben getrapt.
Oefen trappenTegenwoordige tijd
| ik | trap |
| jij | trapt |
| hij/zij/het | trapt |
| wij | trappen |
| jullie | trappen |
| zij | trappen |
Verleden tijd
| ik | trapte |
| jij | trapte |
| hij/zij/het | trapte |
| wij | trapten |
| jullie | trapten |
| zij | trapten |
Voltooide tijd
| ik | heb / ben getrapt |
| jij | hebt / bent getrapt |
| hij/zij/het | heeft / is getrapt |
| wij | hebben / zijn getrapt |
| jullie | hebben / zijn getrapt |
| zij | hebben / zijn getrapt |
Voltooid verleden tijd
| ik | had / was getrapt |
| jij | had / was getrapt |
| hij/zij/het | had / was getrapt |
| wij | hadden / waren getrapt |
| jullie | hadden / waren getrapt |
| zij | hadden / waren getrapt |
Toekomende tijd
| ik | zal trappen |
| jij | zult trappen |
| hij/zij/het | zal trappen |
| wij | zullen trappen |
| jullie | zullen trappen |
| zij | zullen trappen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou trappen |
| jij | zou trappen |
| hij/zij/het | zou trappen |
| wij | zouden trappen |
| jullie | zouden trappen |
| zij | zouden trappen |
Oefen trappen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
trappen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is trap. In trappen staat p voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (trapte, trapten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (getrapt).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij trapt, maar trap jij?
- Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. Hij heeft tegen de bal getrapt. Ik ben in de val getrapt.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van trappen?
trapte (ik, jij, hij/zij/het) en trapten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van trappen?
getrapt, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: Hij heeft tegen de bal getrapt. Ik ben in de val getrapt.
Gebruik je trappen met hebben of zijn?
Allebei, afhankelijk van de betekenis: Hij heeft tegen de bal getrapt. Ik ben in de val getrapt.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.