Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Level B1 · Irregular, separable

Plaatsvinden conjugation

plaatsvinden = to take place, occur

Infinitive
plaatsvinden
Past
vond plaats · vonden plaats
Perfect
is plaatsgevonden

Quick answer

Plaatsvinden means to take place, occur. Past tense: vond plaats (singular) and vonden plaats (plural). Past participle: plaatsgevonden, with zijn: ik ben plaatsgevonden.

Practise plaatsvinden

Present (tegenwoordige tijd)

ikvind plaats
jijvindt plaats
hij/zij/hetvindt plaats
wijvinden plaats
jullievinden plaats
zijvinden plaats

Past (verleden tijd)

ikvond plaats
jijvond plaats
hij/zij/hetvond plaats
wijvonden plaats
jullievonden plaats
zijvonden plaats

Perfect (voltooide tijd)

ikben plaatsgevonden
jijbent plaatsgevonden
hij/zij/hetis plaatsgevonden
wijzijn plaatsgevonden
julliezijn plaatsgevonden
zijzijn plaatsgevonden

Past perfect (voltooid verleden tijd)

ikwas plaatsgevonden
jijwas plaatsgevonden
hij/zij/hetwas plaatsgevonden
wijwaren plaatsgevonden
julliewaren plaatsgevonden
zijwaren plaatsgevonden

Future (toekomende tijd)

ikzal plaatsvinden
jijzult plaatsvinden
hij/zij/hetzal plaatsvinden
wijzullen plaatsvinden
julliezullen plaatsvinden
zijzullen plaatsvinden

Conditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou plaatsvinden
jijzou plaatsvinden
hij/zij/hetzou plaatsvinden
wijzouden plaatsvinden
julliezouden plaatsvinden
zijzouden plaatsvinden

Practise plaatsvinden

Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.

1 of 60 ✓

Present

ik

How this verb works

  • Irregular verb: the past tense and participle do not follow the regular -te/-de pattern, so learn the three forms together: plaatsvinden, vond plaats, plaatsgevonden.
  • Separable verb. In a main clause the prefix plaats goes to the end: ik vind plaats. In a subordinate clause it stays attached: ... dat ik plaatsvind, ... dat ik plaatsvond.
  • In the participle, ge goes between the two parts: plaatsgevonden.
  • Perfect tense with zijn: ik ben plaatsgevonden, not ik heb plaatsgevonden.

Questions about Dutch verbs

What is the past tense of plaatsvinden?

vond plaats (ik, jij, hij/zij/het) and vonden plaats (wij, jullie, zij).

What is the past participle of plaatsvinden?

plaatsgevonden, with zijn: ik ben plaatsgevonden.

Is plaatsvinden used with hebben or zijn?

With zijn: ik ben plaatsgevonden, hij is plaatsgevonden.

More verbs

All verbsDe or het checker

Want to stop looking words up?

The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.

Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.