Level B1 · Regular
Zagen conjugation
zagen = to saw
- Infinitive
- zagen
- Past
- zaagde · zaagden
- Perfect
- heeft gezaagd
Quick answer
Zagen means to saw. Past tense: zaagde (singular) and zaagden (plural). Past participle: gezaagd, with hebben: ik heb gezaagd.
Practise zagenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | zaag |
| jij | zaagt |
| hij/zij/het | zaagt |
| wij | zagen |
| jullie | zagen |
| zij | zagen |
Past (verleden tijd)
| ik | zaagde |
| jij | zaagde |
| hij/zij/het | zaagde |
| wij | zaagden |
| jullie | zaagden |
| zij | zaagden |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb gezaagd |
| jij | hebt gezaagd |
| hij/zij/het | heeft gezaagd |
| wij | hebben gezaagd |
| jullie | hebben gezaagd |
| zij | hebben gezaagd |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had gezaagd |
| jij | had gezaagd |
| hij/zij/het | had gezaagd |
| wij | hadden gezaagd |
| jullie | hadden gezaagd |
| zij | hadden gezaagd |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal zagen |
| jij | zult zagen |
| hij/zij/het | zal zagen |
| wij | zullen zagen |
| jullie | zullen zagen |
| zij | zullen zagen |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou zagen |
| jij | zou zagen |
| hij/zij/het | zou zagen |
| wij | zouden zagen |
| jullie | zouden zagen |
| zij | zouden zagen |
Practise zagen
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
1 of 60 ✓
Present
How this verb works
- Regular verb. The stem is zaag. The infinitive zagen has g before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (zaagde, zaagden) and the participle ends in -d (gezaagd).
- When jij comes after the verb, the -t drops: jij zaagt, but zaag jij?
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of zagen?
zaagde (ik, jij, hij/zij/het) and zaagden (wij, jullie, zij).
What is the past participle of zagen?
gezaagd, with hebben: ik heb gezaagd.
Is zagen used with hebben or zijn?
With hebben: ik heb gezaagd, hij heeft gezaagd.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.