Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau A2 · Regelmatig

Vervoeging van Stappen

stappen = to step

Hele werkwoord
stappen
Verleden tijd
stapte · stapten
Voltooide tijd
heeft / is gestapt

Kort antwoord

Stappen is in het Engels to step. Verleden tijd: stapte (enkelvoud) en stapten (meervoud). Voltooid deelwoord: gestapt, met hebben / zijn: ik heb / ben gestapt.

Oefen stappen

Tegenwoordige tijd

ikstap
jijstapt
hij/zij/hetstapt
wijstappen
julliestappen
zijstappen

Verleden tijd

ikstapte
jijstapte
hij/zij/hetstapte
wijstapten
julliestapten
zijstapten

Voltooide tijd

ikheb / ben gestapt
jijhebt / bent gestapt
hij/zij/hetheeft / is gestapt
wijhebben / zijn gestapt
julliehebben / zijn gestapt
zijhebben / zijn gestapt

Voltooid verleden tijd

ikhad / was gestapt
jijhad / was gestapt
hij/zij/hethad / was gestapt
wijhadden / waren gestapt
julliehadden / waren gestapt
zijhadden / waren gestapt

Toekomende tijd

ikzal stappen
jijzult stappen
hij/zij/hetzal stappen
wijzullen stappen
julliezullen stappen
zijzullen stappen

Voorwaardelijke wijs

ikzou stappen
jijzou stappen
hij/zij/hetzou stappen
wijzouden stappen
julliezouden stappen
zijzouden stappen

Oefen stappen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

stappen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Jij elke ochtend om acht uur op de bus.

  2. Verleden tijd

    Vorige week wij in de trein naar Utrecht.

  3. Voltooide tijd

    Hij net in de tram .

  4. Bijzin

    Ik zie Anna altijd als zij in de bus .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is stap. In stappen staat p voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (stapte, stapten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (gestapt).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij stapt, maar stap jij?
  • Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. We hebben gisteravond lekker gestapt in de stad. Hij is in de tram gestapt.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van stappen?

stapte (ik, jij, hij/zij/het) en stapten (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van stappen?

gestapt, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: We hebben gisteravond lekker gestapt in de stad. Hij is in de tram gestapt.

Gebruik je stappen met hebben of zijn?

Allebei, afhankelijk van de betekenis: We hebben gisteravond lekker gestapt in de stad. Hij is in de tram gestapt.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.