Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Level A2 · Regular

Noemen conjugation

noemen = to name

Infinitive
noemen
Past
noemde · noemden
Perfect
heeft genoemd

Quick answer

Noemen means to name. Past tense: noemde (singular) and noemden (plural). Past participle: genoemd, with hebben: ik heb genoemd.

Practise noemen

Present (tegenwoordige tijd)

iknoem
jijnoemt
hij/zij/hetnoemt
wijnoemen
jullienoemen
zijnoemen

Past (verleden tijd)

iknoemde
jijnoemde
hij/zij/hetnoemde
wijnoemden
jullienoemden
zijnoemden

Perfect (voltooide tijd)

ikheb genoemd
jijhebt genoemd
hij/zij/hetheeft genoemd
wijhebben genoemd
julliehebben genoemd
zijhebben genoemd

Past perfect (voltooid verleden tijd)

ikhad genoemd
jijhad genoemd
hij/zij/hethad genoemd
wijhadden genoemd
julliehadden genoemd
zijhadden genoemd

Future (toekomende tijd)

ikzal noemen
jijzult noemen
hij/zij/hetzal noemen
wijzullen noemen
julliezullen noemen
zijzullen noemen

Conditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou noemen
jijzou noemen
hij/zij/hetzou noemen
wijzouden noemen
julliezouden noemen
zijzouden noemen

Practise noemen

Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.

1 of 60 ✓

Present

ik

How this verb works

  • Regular verb. The stem is noem. The infinitive noemen has m before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (noemde, noemden) and the participle ends in -d (genoemd).
  • When jij comes after the verb, the -t drops: jij noemt, but noem jij?

Questions about Dutch verbs

What is the past tense of noemen?

noemde (ik, jij, hij/zij/het) and noemden (wij, jullie, zij).

What is the past participle of noemen?

genoemd, with hebben: ik heb genoemd.

Is noemen used with hebben or zijn?

With hebben: ik heb genoemd, hij heeft genoemd.

More verbs

All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker

Want to stop looking words up?

The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.

Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.