Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Level A2 · Regular

Parkeren conjugation

parkeren = to park

Infinitive
parkeren
Past
parkeerde · parkeerden
Perfect
heeft geparkeerd

Quick answer

Parkeren means to park. Past tense: parkeerde (singular) and parkeerden (plural). Past participle: geparkeerd, with hebben: ik heb geparkeerd.

Practise parkeren

Present (tegenwoordige tijd)

ikparkeer
jijparkeert
hij/zij/hetparkeert
wijparkeren
jullieparkeren
zijparkeren

Past (verleden tijd)

ikparkeerde
jijparkeerde
hij/zij/hetparkeerde
wijparkeerden
jullieparkeerden
zijparkeerden

Perfect (voltooide tijd)

ikheb geparkeerd
jijhebt geparkeerd
hij/zij/hetheeft geparkeerd
wijhebben geparkeerd
julliehebben geparkeerd
zijhebben geparkeerd

Past perfect (voltooid verleden tijd)

ikhad geparkeerd
jijhad geparkeerd
hij/zij/hethad geparkeerd
wijhadden geparkeerd
julliehadden geparkeerd
zijhadden geparkeerd

Future (toekomende tijd)

ikzal parkeren
jijzult parkeren
hij/zij/hetzal parkeren
wijzullen parkeren
julliezullen parkeren
zijzullen parkeren

Conditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou parkeren
jijzou parkeren
hij/zij/hetzou parkeren
wijzouden parkeren
julliezouden parkeren
zijzouden parkeren

Practise parkeren

Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.

1 of 60 ✓

Present

ik

How this verb works

  • Regular verb. The stem is parkeer. The infinitive parkeren has r before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (parkeerde, parkeerden) and the participle ends in -d (geparkeerd).
  • When jij comes after the verb, the -t drops: jij parkeert, but parkeer jij?

Questions about Dutch verbs

What is the past tense of parkeren?

parkeerde (ik, jij, hij/zij/het) and parkeerden (wij, jullie, zij).

What is the past participle of parkeren?

geparkeerd, with hebben: ik heb geparkeerd.

Is parkeren used with hebben or zijn?

With hebben: ik heb geparkeerd, hij heeft geparkeerd.

More verbs

All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker

Want to stop looking words up?

The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.

Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.